Lars Duursma tijdens Meillo-lezing (foto: marcoslotphoto.com)

Hoe een parallelle rechtsstaat uiteindelijk onze vrijheid ondermijnt

We doen het allemaal wel eens: mensen die iets doms hebben gezegd publiekelijk veroordelen. Maar het loopt uit de hand, vooral op internet. Op 8 oktober 2015 mocht ik in De Rode Hoed een lezing uitspreken voor een zaal met rechters en officieren van justitie. Een verkorte versie van de toespraak werd eerder gepubliceerd door NRC. Hier de volledige tekst van m’n Meillo-lezing.

Spreektekst

Justine Sacco was een doodnormale vrouw: vrolijk, ongedwongen en 30 jaar oud. Ze was pr-manager bij een groot internetbedrijf en met een kleine groep volgers deelde ze graag kleine observaties op twitter. Ironische opmerkingen. Flauwe grapjes.

Tot 20 december 2013. Want dat was een dag die haar leven voorgoed zou veranderen.

De dag begon zo mooi. Justine was op reis naar Kaapstad. Daar zou ze Kerst vieren met familie. Ze was opgegroeid in Amerika, maar had wortels in Zuid-Afrika: haar vader kwam er vandaan en ze was er zelf geboren.

In Londen maakte ze een tussenlanding. Ze verveelde zich. Haar eerste vlucht van zeven uur zat er op en nu zat ze te wachten op een tweede vlucht van ruim elf uur. Gelukkig was er gratis wifi. En toen kwam de tweet:

Justine Sacco tweet“Going to Africa. Hope I don’t get AIDS. Just kidding. I’m white!”

Ze grinnikte. Later legt ze uit dat ze een grapje wilde maken over de ‘bubble’ waarin veel Amerikanen zich bevinden als het gaat om wat er speelt en leeft in de derde wereld. Ze wilde een ironische opmerking maken over die onwetendheid.

Maar dat is niet hoe de wereld haar tweet opvatte.

De eerste drie uur gebeurde er niets. Niet zo verwonderlijk: ze had slechts 170 volgers. Tot één van hen de tweet doorstuurde naar een bekende blogger, die de opmerking onmiddellijk onder de aandacht bracht bij z’n 15.000 volgers.

Aanvankelijk was er verwondering. Had iemand dat écht gezegd?

Maar die stemming sloeg al snel om. Deze vrouw, deze gewetenloze racist, moest boeten. Al snel werden haar alle mogelijke ziektes toegewenst – vooral aids. Haar werkgever werd bedolven onder berichten van twitteraars en later ook journalisten die haar ontslag eisten.

Ondertussen was Justine Sacco zich van geen kwaad bewust. Haar vlucht was drie uur onderweg en ze sliep, volstrekt onwetend van alle commotie.

Een woedende volksmenigte raakte inmiddels op drift: lekker veilig, vanachter de eigen computer. Meer dan 100.000 twitteraars wereldwijd vroegen zich af of Justine al geland en ontslagen was. De hashtag #HasJustineLandedYet werd wereldwijd trending. Sinds de terugkeer van Apollo 13 in onze dampkring had de wereld geen landing zo nauwgezet gevolgd. In Kaapstad trokken mensen naar het vliegveld om foto’s van haar te kunnen maken.

En nog steeds wist ze van niets.

Deze meedogenloze heksenjacht had succes. Nog voordat Justine ook maar kon reageren, was ze al ontslagen. Haar naam was wereldwijd en tot in de eeuwigheid bezoedeld. En haar leven volstrekt geruïneerd, tot grote vreugde van de internetgemeenschap.

En dat om een ongepaste grap.

***

Helaas staat het verhaal van Justine Sacco niet op zich. Ook in Nederland dreigt een parallelle rechtstaat te ontstaan waarin honderden mensen binnen luttele minuten worden aangeklaagd, veroordeeld en gestraft. Of iemand schuldig is, doet er niet toe. Als we met z’n allen iemand schuldig vinden, dan is hij schuldig. En als de straf niet proportioneel is, dan heeft het slachtoffer pech. “Dan had hij dat maar niet moeten doen of zeggen.”

Het internet heeft iedereen een stem gegeven. Of liever gezegd, een soort megafoon. Een megafoon waarmee iedereen zich ineens tot mensen over de hele wereld kan richten. En over de hele wereld schreeuwen mensen enthousiast en fanatiek door hun megafoon.

Vroeger kon alleen een bevoorrechte elite grote groepen mensen bereiken. Nu kan iedereen de wereld bereiken met één simpele tweet.

In het gunstigste geval kun je stellen dat sociale media het brede publiek een stem hebben gegeven die iedereen in staat stelt om, buiten de poortwachters van de macht om, onrecht aan de kaak te stellen dat anders onzichtbaar zou blijven.

In het ongunstigste geval moet je constateren dat sociale media feitelijk sociale massavernietigingswapens zijn waarmee laster en pesterijen op een tot voor kort ongekende schaal kunnen worden uitvergroot.

Daar staan we dan, met onze megafoon. Laat ons maar bepalen wie schuldig is en wie niet. Wie gestraft moet worden en wie niet. Straffeloos nagelen we mensen aan de schandpaal. Leve de participatiesamenleving, dit voelt goed!

***

Het roept wel een vraag op: waar komt toch dat fanatisme vandaan? Vanwaar dit plezier om anderen kapot te maken… hier, nu en snel een beetje?

Aanvankelijk zocht ik de verklaring vooral in Schadenfreude: blijdschap (Freude) om het leed (Schade) van anderen. Iets wat we vroeger al snel diskwalificeerden als een nare karaktereigenschap, als een duistere kant van onze menselijke natuur, blijkt veel meer dan dat: het is een fysiologisch fenomeen.

Zodra we anderen ten onder zien gaan, maken onze hersenen een chemisch stofje aan waardoor we ons direct beter voelen. Fascinerende experimenten met MRI-scanners laten zien dat hoe meer we iemand benijden – om z’n populariteit, uiterlijk, geld of succes – hoe meer we genieten van z’n ondergang.

Héérlijk, vinden we het, als die rijke topbankier op z’n bek gaat. De vuile graaier verdient het. Fantastisch, vinden we het, als júist de populairste politicus of de succesvolste ondernemer ook eens tegenslag kent. Rijkelijk vloeien grote hoeveelheden dopamine richting het emotionele beloningssysteem van onze hersenen, overstromend als een pan melk die je te lang op hoog vuur laat staan. Je krijgt letterlijk hetzelfde gevoel als bij lekker eten, goede seks of krachtige drugs.

Maar dit is hooguit een deel van het verhaal.

De meeste mensen die online aan de schandpaal worden genageld, zijn namelijk helemaal niet zo bekend, rijk of succesvol. Het zijn doodgewone mensen die toevallig iets doms hebben gezegd. Die niet goed nadachten voordat ze iets deden. Of die toevallig op het verkeerde moment op de verkeerde plek waren.

De trieste werkelijkheid: we houden er gewoon van om ons gal te spuien. En deden we dat vroeger vooral thuis of in de kroeg, nu gaat ons venijn via de megafoon de wereld in.

George Orwell introduceerde het in 1984. In z’n boek moesten leden van de enige politieke partij elke dag verplicht naar Two Minutes Hate kijken. Twee minuten lang werden tegenstanders van de staat als een groot gevaar weggezet. En twee minuten lang uitte de hele zaal luid schreeuwend gevoelens van diepe haat richting het grote scherm.

De gedachte erachter? Orwell beschrijft hoe inwoners sneller hun angst voor een ellendig en gecontroleerd bestaan konden vergeten door deze uitlaatklep van twee minuten haat. Bovendien werden haatgevoelens zo slim weggeleid van de staat richting externe – en vaak niet-bestaande – vijanden.

Het uiten van negatieve gevoelens richting een gemeenschappelijke vijand lucht lekker op. En met zo veel mensen die domme dingen doen of zeggen op het internet, is die vijand anno 2015 snel gevonden.

***

De conclusie die veel mensen trekken, en misschien ook mensen hier in deze zaal: daarom zit ik dus niet op twitter. Maar het is een misverstand dat het virtuele volksgericht zich beperkt tot misverstanden in de virtuele wereld.

Tim HuntNiets is minder waar, zo ontdekte dit jaar de 72-jarige wetenschapper Tim Hunt. Vriend en vijand respecteerde hem als een briljant biochemicus: als ontdekker van de ‘klok’ die celdeling reguleert, waarmee hij de grondlegger werd van veel kankeronderzoek. Niet voor niets werd hij benoemd tot Knight en kreeg hij een Nobelprijs voor de geneeskunde voor z’n bijzondere diensten aan de wetenschap. Daarnaast stond hij bekend als een inspirerende man en een fijne, vriendelijke en geliefde collega.

Tot 8 juni van dit jaar.

Binnen 48 uur werd hij een volstrekte paria die al z’n hoge functies en eredoctoraten direct moest neerleggen – anders zou hij op staande voet ontslagen worden.

En dat allemaal op basis van een vrij onschuldig grapje op een symposium in Seoul, dat volstrekt uit z’n context werd gehaald en volledig werd verdraaid door een wetenschapsjournalist. Zij spuide haar kwaadaardige berichtjes direct op twitter.

Wat was er gebeurd?

Tim Hunt werd op het laatste moment gevraagd of hij een informele toost wilde uitbrengen tijdens een lunch voor vrouwelijke wetenschappers. Hij sprak minder dan vijf minuten, prees vele vrouwelijke wetenschappers met wie hij had samengewerkt, en zei met gevoel voor zelfspot toen dit:

“It’s strange that a chauvinist monster like me has been asked to speak to women scientists. Let me tell you about my trouble with girls. Three things happen when they are in the lab: You fall in love with them, they fall in love with you, and when you criticize them, they cry. Perhaps we should make separate labs for boys and girls.”

Een beetje dom, zou Máxima het waarschijnlijk noemen (op advies van haar spindoctors, zo bleek vorige maand). Onduidelijk is bovendien of hij ook aangaf dat hij z’n eigen vrouw heeft leren kennen op het lab. Maar het was overduidelijk bedoeld als grap en de zaal kon er de humor ook wel van inzien. Hij vervolgde: “Now, seriously…”

Maar toen had deze twitteraar al bepaald dat deze man moest boeten. Ze kon ‘m goed gebruiken in haar strijd tegen het seksisme in de wetenschap en opende fanatiek haar twitterapp: barbertje moest hangen!

***

Binnen 48 uur had het virtuele volksgericht deze sympathieke Nobelprijswinnaar aangeklaagd, veroordeeld en gestraft. Onder de grote druk van miljoenen razende twitteraars dwongen universiteiten Hunt tot het neerleggen van al z’n functies. Alles wat hij tijdens een imposante carrière van een halve eeuw had opgebouwd, was in één klap kapotgemaakt.

Pas weken later werd de context van de bijeenkomst duidelijk, en bleek ook dat er niets klopte van de berichtgeving op twitter – die door vrijwel alle media klakkeloos was overgenomen. Maar toen was de schade al aangericht.

Universiteiten durfden het niet aan om hun beslissingen terug te draaien. Vele vrouwelijke wetenschappers waren immers nog steeds boos. Het volledig rehabiliteren van Hunt zou “volstrekt het verkeerde signaal” geven – straks is die razende volksmeute wéér boos!

En zo gaat het wel vaker. Zélfs als het virtuele volksgericht er overduidelijk naast blijkt te zitten, is de schade al aangericht.

Het doet denken aan die bekende volksvertelling van een vader die z’n zoon leert hoe om te gaan met woede. Elke keer als de zoon een woede-uitbarsting krijgt, moet hij een spijker in de schutting slaan. Als hij z’n woede uiteindelijk beter onder controle heeft, mag hij iedere dag dat hij rustig blijft een spijker uit de schutting halen. Uiteindelijk zijn alle spijkers weer weg, maar de schutting wordt nooit meer hetzelfde. Overal zie je gaten.

***

Datzelfde geldt voor onze samenleving. Want hoe goed onze rechtstaat ook werkt, hij kan de blijvende littekens van de schandpaal nauwelijks wegnemen. Zéker als iemand onschuldig blijkt.

Want als iemand inderdaad schuldig is, dan kan de reputatieschade nog worden meegenomen in de strafmaat – en dat gebeurt ook vaak. Maar wat doe je als je iemand volstrekt onschuldig is?

Dan zou hij natuurlijk een civiele rechtszaak kunnen starten. Maar tegen wie? Degene die de eerste steen gooide? Al die anderen die aan de heksenjacht meededen? Zelfs als leek zie ik een juridisch wespennest – en dat is waarschijnlijk ook waarom we zulke zaken niet veel zien.

De vraag is natuurlijk ook of elke overwinning in de rechtszaal niet een Pyrrusoverwinning blijkt, als het hoger beroep plaatsvindt op de sociale media.

Je kunt de verantwoordelijkheid terugleggen en zeggen dat het uiteindelijk aan mensen in de samenleving is om elkaar aan te spreken op ongewenst gedrag. Je moet niet alles willen juridiseren.

En toch.

Dagelijks zie ik hoe mensen volstrekte vreemden aan de schandpaal nagelen en moedwillig kapotmaken. Zonder ook maar de moeite te nemen om heel basaal te controleren of het wel klopt wat ze verspreiden, worden onschuldige mensen met naam en toenaam zwartgemaakt.

Hoever moet deze vorm van eigenrichting nog doorslaan voordat het OM in beeld komt?

Wanneer durven we eindelijk toe te geven dat onze vrijheid van meningsuiting een groot goed is, maar de vrijheid om bijna alles te kunnen zeggen uiteindelijk diezelfde vrijheid van meningsuiting ondermijnt?

***

Over het allerbelangrijkste effect van deze schandpaalcultuur hebben we het namelijk nog niet eens gehad. Tot nu toe ging het vooral over individuele gevallen: hoe levens werden verwoest en hoe we die schade kunnen of zelfs moeten repareren.

De allergrootste schade wordt echter niet aangericht aan het individu maar aan het collectief. Aan ons dus, als samenleving.

Het virtuele volksgericht verandert namelijk ons gedrag.

Ik leen hiervoor graag het krachtigste argument uit de discussie over massasurveillance. Privacy is boven alles belangrijk omdat we ons anders gaan gedragen als we weten dat we in de gaten worden gehouden. Dat geldt voor volwassenen, voor kinderen, voor werknemers – voor iedereen.

Het was Jeremy Bentham die als eerste een gevangenis uitdacht waarbij één bewaker honderden gevangenen kon controleren, zolang het voor hen maar niet duidelijk was wanneer ze in de gaten werden gehouden. Michel Foucault filosofeerde tweehonderd jaar later dat dit concept natuurlijk ook in scholen, ziekenhuizen en fabrieken werkt. Weinig zaken onderdrukken een mens effectiever dan zelfcensuur.

Ik maakte het zelf mee toen ik begin deze eeuw reisde naar Singapore. M’n beeld van het land was wellicht wat stereotiep en naïef: ik ging naar een politiestaat. Des te groter was mijn verbazing toen ik al een middag had rondgewandeld en geen enkele agent was tegengekomen.

Met een taxichauffeur maakte ik een praatje: hoe komt het toch dat hier zo veilig is met zo weinig politie op straat? “Oh,” antwoordde de man, “dat is heel simpel. Maar een klein deel van de agenten draagt hier een uniform. Iedereen die naast je staat bij het stoplicht, kan een politieagent zijn. Maar dat weet je dus nooit zeker.” En daarom – samen met de gigantische boetes – bleef iedereen dus braaf voor het rode licht staan.

Keer op keer blijkt uit wetenschappelijke onderzoeken hoe het gevoel in de gaten te worden gehouden leidt tot wantrouwen, conformiteit en middelmatigheid. En ja: ook als je denkt dat je niets te verbergen hebt.

***

En dan nu m’n punt. Bij massasurveillance door de overheid krijg je het gevoel dat je elk moment in de gaten wordt gehouden – dát verandert ons gedrag al. Wat moet dan wel niet de impact zijn van het gevoel dat je niet alleen continu in de gaten wordt gehouden, maar dat een razende meute ook nog staat te popelen om je bij elke mogelijke misstap direct aan de schandpaal te nagelen en publiekelijk te vernederen, net zo lang tot je leven volstrekt is geruïneerd?

Ik vrees dat dát – meer dan wat dan ook – zorgt voor een cultuur van wantrouwen, conformiteit en middelmatigheid.
Ik vrees dat niemand straks nog met z’n kop boven het maaiveld durft uit te steken of iets bijzonders probeert.
En dat niemand meer een grap durft te maken – of dat nu online of offline is.

Moeten wij als ouders straks onze kinderen, vanaf het eerste moment dat ze kunnen praten, al leren dat ze niet te veel mogen afwijken van de anderen? Dat het altijd riskant is om iets nieuws te bedenken, een gekke dans in te studeren of een rare tekening te maken?

Nu iedereen maar alles kan zeggen, durven steeds minder mensen vrijuit te spreken.
Deze schandpaalcultuur verwoest niet alleen individuele levens, maar ondermijnt de vrijheden van ons allemaal.
Blijven we accepteren dat iedereen maar straffeloos kan straffen? Het antwoord op die vraag bepaalt of onze kinderen straks nog in vrijheid kunnen opgroeien.

(Dank u wel.)

Foto’s: marcoslotphoto.com

2 antwoorden
  1. Chevan Elia
    Chevan Elia zegt:

    Helder en Duidelijk 🙂
    Een hele goede verwoording door het te vergelijken met een megafoon.
    Als iemand iets zet wat fout in de oren van een ander klinkt,
    moet diegene ook het recht krijgen om dat recht te kunnen zetten.

    Tenzij het AMNM is, want een boek en film publiceren
    over je mening is heel wat anders dan een simpele tweet

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.